Image
Een zwart-wit foto van een jonge Jan Cremer. Hij zit op een kruk omringd met verfspullen.

Cremer in context

De vroege jaren

‘Ik sodemieter verf op een doek, ik druip spat sla schop. Ik vecht met verf.’ Met deze woorden positioneert Jan Cremer (Enschede 1940–2024 Amsterdam) zich in 1959 als kunstenaar. Cremer in context – de vroege jaren focust op Cremers positie als beeldend kunstenaar in de jaren 1950 en 1960 en op de samenhang van zijn werk als schilder en schrijver. Het is de eerste overzichtstentoonstelling na het overlijden van Cremer in 2024. 

schildersdrift 

Vanaf het prille begin is Cremer ongeremd en opvallend in het nastreven van zijn ambities. Hij is gretig en onverschrokken in het promoten van wat hij maakt. En hij weet dat wat hij zegt en schrijft, bijdraagt aan hoe zijn werk wordt ontvangen. Op zijn twintigste merkt hij op: ‘Ik schilder niet volgens een idee, want ideeën zijn waardeloos. Ik wil alleen maar lekker verven; ik ben toch immers een gewone jongen en al die flauwekul van kunst en hogere ideeën kan me gestolen worden.’ Zo presenteert Cremer zijn schildersdrift én zijn kunstenaarschap aan de wereld.

Cremer neemt stelling tegen het werk van zijn tijdgenoten. Hij heeft ‘genoeg van hun gevoelige komposities, hun verfijnde kleurengammaas’ en noemt het ‘allemaal rotzooi, estetika’. In 1964 verschijnt zijn boek Ik Jan Cremer en is zijn zelfgecreëerde imago van enfant terrible van de Nederlandse kunst en literatuur gevestigd.
Toch is hij goed bevriend met veel kunstenaars en schrijvers, in Nederland en daarbuiten. Hij is wel degelijk op de hoogte van de nieuwste artistieke en literaire ontwikkelingen van zijn tijd. Maar de enige manier voor Cremer om daarvan deel uit te maken, is door ermee te breken.


een nieuwe betekenis 

Cremer in context – de vroege jaren focust op Cremers positie als beeldend kunstenaar in de jaren 1950 en 1960 en op de samenhang van zijn werk als schilder en schrijver. Zijn ontwikkeling wordt getoond in dialoog met de kunst van zijn tijd: École de Paris, CoBrA, Pop Art, materieschilderkunst en abstract expressionisme. Daarbij neemt zijn peinture barbarisme – zijn eigen specifieke stijl – een centrale plek in. Omringd door onder andere Karel Appel, Armando, Bram Bogart, Lotti van der Gaag, Jacqueline de Jong en Dora Tuynman, krijgt
Cremers positie als eenling binnen de kunsten en pionier van de moderne kunst een nieuwe betekenis.

Cremer in context – de vroege jaren is de eerste overzichtstentoonstelling na het overlijden van Cremer in 2024. Museum de Fundatie heeft de grootste museale collectie van werk van Cremer in Nederland en organiseert daarom graag deze hommage. De geëxposeerde werken – ruim vijftig van de hand van Cremer en circa dertig van tijdgenoten – komen uit de nalatenschap van Cremer, uit de verzameling van Museum de Fundatie en uit diverse museale en particuliere collecties. Daarbij geven een veertigtal foto’s uit de Jan Cremer Photo Collection een bijzonder beeld van de jonge Cremer.


JAN CREMER, Karel Appel, Armando, Gustave Asselbergs, Roger Bissière, Bram Bogart, Eugène Brands, Lotti van der Gaag, Frieda Hunziker, Willem Hussem, Jacqueline de Jong, Lucebert, Jaap Nanninga, Dora Tuynman, Theo Wolvecamp.

Cremer in context

De vroege jaren